Illustratie bij De Sprekende Dieren
Oefen samen: betoverdroodborstjevijver

De Sprekende Dieren

Alle dieren in de tuin beginnen te praten

Fee loopt door de tuin.
De kikker hopt naast haar.
“Ik snap het niet,” zegt Fee.
“Hoe kan jij praten?”

De kikker zucht.
“Het is een lang verhaal, Fee.
En ik ben niet de enige.”

Fee stopt.
“Niet de enige?
Wie dan nog meer?”

De kikker wijst met zijn poot.
“Kijk om je heen.”

Fee kijkt.
Ze ziet de vogels in de boom.
Ze ziet de vissen in de vijver.
Ze ziet een schaap in de wei.

“De dieren?” vraagt Fee.

De kikker knikt.
“Probeer het maar.”

Fee loopt naar de vijver.
Daar zwemt een gouden vis.
“Hallo visje,” zegt Fee.

De vis steekt zijn kop boven water.
“Hallo prinses Fee,” zegt de vis.
“Wat fijn dat je ons nu hoort.”

Fee gilt.
De vis praat!

Ze rent naar de boom.
“Vogeltjes? Kunnen jullie ook praten?”

Een roodborstje vliegt naar beneden.
“Ja hoor,” zingt hij.
“We kunnen allemaal praten.
We doen het al jaren.”

Fee draait zich om.
Het schaap in de wei kijkt haar aan.
“Baaaah,” zegt de ooi
“Grapje. Hoi Fee.”

Fee lacht.
Dit is zo gek!
Alle dieren praten!

Ze loopt terug naar de kikker.
“Waarom hoor ik jullie nu pas?”

De kikker kijkt verdrietig
“Dat komt door de vloek, Fee.
De vloek op ons allemaal.”

“Een vloek?” vraagt Fee.

De kikker knikt.
“Wij zijn geen dieren, Fee.
Niet echt.
Wij zijn… mensen.”

Fee gaat zitten.
Dit is te veel.
Te gek.
Te vreemd.

“Mensen?” fluistert ze.

De kikker pakt haar hand.
Zijn pootje is koud.
“Ja Fee.
We zijn betoverd
Lang geleden.
Door een boze tovenaar.”

Fee kijkt naar alle dieren.
De vis. De vogels. De ooi.
Waren zij ooit mensen?

“Kan ik jullie helpen?” vraagt ze.

De kikker glimlacht.
“Misschien wel, Fee.
Misschien wel.”

0:00 / 0:00