De Held
De gouden draak verjaagt de zwarte draak en redt zijn vrienden
Het gouden licht vult de grot.
Het schijnt in elke hoek.
Geen duisternis meer.
Alleen licht.
De zwarte draak schreeuwt.
Hij struikelt achteruit.
“Stop! Stop dat licht!”
Maar de gouden draak stopt niet.
Hij blaast en blaast.
Het licht wordt feller.
En feller.
“Ga weg!” roept de gouden draak.
“Ga weg van hier!
Ga weg van de berg!
En kom nooit meer terug!”
De zwarte draak draait zich om.
Hij rent.
Door de grot.
Naar de uitgang.
Weg van het licht.
De gouden draak volgt hem.
Nog steeds schijnend.
Nog steeds blazend.
Bij de uitgang van de grot.
De zwarte draak spreidt zijn vleugels.
Hij vliegt.
Weg van de berg.
Weg van het licht.
Weg in de verte.
Tot hij een klein stipje is.
En dan… verdwijnt.
De gouden draak kijkt hem na.
Hij is weg.
De zwarte draak is weg.
Hij rent terug naar de kooi.
Nu is hij sterker.
Hij blaast zijn gouden vuur.
De stenen kooi smelt!
Sem en Lot zijn vrij!
Lot rent naar de draak.
Ze slaat haar armen om hem heen.
“Je deed het! Je deed het echt!”
Sem huilt van blijdschap.
“Je bent een held.
Een echte held.”
De gouden draak glimlacht.
“Ik was zo bang,” fluistert hij.
“Maar ik dacht aan jullie.
En toen was ik niet meer bang.
Toen was ik… dapper.”
Ze lopen naar buiten.
De zon schijnt.
Oma wacht op de rots.
“Kleinkind!” roept ze.
“Je hebt het gedaan!”
De draken van de berg komen ook.
Ze juichen.
De zwarte draak is weg!
Ze zijn vrij!
Een oude draak landt voor hen.
“Jij hebt ons gered,” zegt hij.
“Hoe heet je, dappere draak?”
De gouden draak kijkt naar oma.
“Ik heb geen naam.
Die heb ik nooit gekregen.”
Oma glimlacht.
“Dan geef ik je er nu een.
Je naam is Lux.
Dat betekent licht.”
Lux.
De gouden draak heeft een naam.
Sem, Lot en Lux vliegen naar huis.
Het avontuur is voorbij.
Maar hun vriendschap duurt voor altijd.
einde